O Fortuna! Middeleeuwse drankliederen op een zonnige zondag
- bvanpaeschen5
- 31 mei
- 5 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 7 jun

Toen ik de Carmina Burana voor het eerst hoorde, zat ik op mijn knieën voor een bak levende meelwormen. Ik was achttien en eerstejaarsstudent rechten aan de Universiteit van Namen. Voor wie niet bekend is met het studentenleven aan de andere kant van de taalgrens: het is één grote zwijnerij.
Geen idee hoe het er nu aan toegaat, maar in mijn tijd gingen de studenten in Namen uit op rubberen laarzen, om droge voeten te houden en niet uit te glijden over de pis en het bier. Maar ik wist niet beter; ik zat er op kot, genoot van de vrijheid en vond alles spannend en tof. Ook de studentendoop, die plaatsvond in een grote tent in een wei ergens langs Samber en Maas. Ik heb destijds een eed gezworen dat ik niets zou vertellen over wat er zich precies in die tent heeft afgespeeld. Jullie weten vast genoeg als ik meegeef dat een van de leden van het organiserend doopcomité de zoon van een slager was en goede connecties had met het plaatselijke slachthuis. Maar die Carmina Burana dus, die dreunde de hele tijd dramatisch door de boxen van de bloederige dooptent.
Zo klonk dat dan:
27 graden en fantastisch tuinwerkweer
Het idee om met ons hele huishouden naar een voorstelling van de Carmina Burana te gaan kijken en luisteren, kwam van mijn man. Die koopt, zoals jullie in mijn realitycheck konden lezen, aan het begin van het culturele seizoen de tickets. Omdat ik weet dat het voor hem belangrijk is dat onze dochters aan cultuur doen, de voorstelling op een zondagnamiddag was én maar een dik uur zou duren, zei ik: ‘Oké.’
Wist ik veel dat het op die zondag 26 april 2026 voor het eerst in het jaar 27 graden zou worden en fantastisch tuinwerkweer zou zijn. En dat de scouts hun jaarlijkse ‘vies en vettig’-vergadering zouden houden, waar onze dochters (op dat moment 12 en 13) natuurlijk heen willen. Maar mijn man is niet te vermurwen. De enige van het huishouden die mag genieten van de zon, is de kat. Ik kriebel hem nog even op zijn buik en stap in de auto richting De Singel in Antwerpen, met twee pruilende pubers op de achterbank.
Drinken, gokken en zinnelijke liefde

Carmina Burana betekent letterlijk ‘liederen uit Beieren’. Ze staan in een middeleeuws manuscript dat toevallig werd ontdekt in 1803 in een Duits klooster. De 250 gedichten en dramatische teksten zijn geschreven in het Latijn, het Middelhoogduits en Oud-Provençaals. De meesten dateren uit de 11de en 12de eeuw en – zo leert het programmaboekje van De Singel me - worden toegeschreven aan rondtrekkende studenten en jonge geestelijken. De heren schreven over wereldse thema’s zoals het noodlot, de vergankelijkheid van het leven, de lente, drinken, gokken en zinnelijke liefde. Hoewel bij sommige van die liedjesteksten ook de middeleeuwse muzieknotatie stond, klinken de Carmina Burana vandaag helemaal anders. Dat komt omdat de Duitse componist Carl Orff er zijn eigen ding mee deed. Toen hij de bundel liederen in 1934 ontdekte, koos hij er 24 gedichten uit en componeerde er nieuwe muziek bij.

Op café
Met mijn man erbij zijn we altijd op tijd. Lees: veel te vroeg. Terwijl we op het terras van De Singel – met uitzicht op de Antwerpse Ring – toch nog wat van het goede weer meepikken, leest hij voor uit het programmaboekje. ‘De proloog heeft als onderwerp Fortuna: het wrede en onvoorspelbare lot, dat de mens nu eens voorspoed en dan weer ongeluk brengt’, begint hij plechtig. Ik ben de enige die luistert; de kinderen hebben er zwaar de pest in. ‘Het tweede grote hoofdstuk draagt de titel In Taberna’, gaat hij onverstoord verder. ‘Op café dus’, knipoogt hij naar mij. Mijn man en ik leerden elkaar kennen op café in onze – eveneens liederlijke – studentenjaren. ‘En da-aan...’ doet hij theatraal, ‘da-an komt de ... Cour d’amour!’ Hij krijgt twee paar rollende ogen als reactie. Zoveel Frans kennen ze nog wel. Maar nu komt manlief pas écht op dreef: ‘In het pastorale gezang Amor volat undique (‘Amor vliegt overal’), bezingt de sopraan hoe jongelingen en meisjes zich tot elkaar aangetrokken voelen en...’ ‘Eikes!’ roept mijn jongste. ‘Ik wil het niet meer horen’, beslist de oudste. Mijn man laat het niet aan zijn hart komen. Hij vindt middeleeuwse drankliederen nog steeds een prima thema voor een gezinsuitstap.
150 muzikanten en een gigantisch kinder- en volwassenenkoor

We hebben tickets voor de eerste rij, met onze neus tegen het podium. Dat is stevig gevuld, met wel 150 muzikanten en een gigantisch kinder- en volwassenenkoor. ‘Het waren de laatste plaatsen’, zegt mijn man verontschuldigend. Ik vind het prima, meestal zijn de zitplaatsen krap en we hebben nu veel beenruimte. Maar als we gaan zitten, merk ik wat hij bedoelt. Op de enkels van de muzikanten na, zien we niks. ‘Och ja’, fluister ik tegen mijn oudste dochter naast me, die dit schooljaar de brui heeft gegeven aan haar vioollessen. ‘Het gaat tenslotte om de muziek, hé?’ Ze zucht en rolt nog eens goed met haar ogen.
Maar als al die stemmen tegelijk het overweldigende openingskoor inzetten, vliegen zij en haar zusje bijna uit hun stoel. Opeens zijn ze wakker. Mijn man is in zijn nopjes: cultuurmissie geslaagd.
Dirigeren is topsport

Jammer dat de teksten niet werden geprojecteerd tijdens het concert, zoals ze bij opera wel doen. Maar ook zonder te weten waarover het precies gaat, is de muziek van de Carmina Burana één brok emotie. Met dramatische hoogtes en donkere laagtes, lange, ingetogen passages en bombastische roetsjbanen. We krijgen kippenvel als het kinderkoor inzet en moeten lachen als de bariton met veel overtuiging een dronken klant van het café neerzet.
Een eervolle vermelding gaat naar dirigent Andrés Orozco-Estrada, die we van op onze eerste rij goed kunnen gadeslaan. Een orkest dirigeren, is zowaar topsport. (Ik wilde hem nog stiekem filmen met mijn gsm, maar ik mocht niet van mijn dochters.)
Voor de les Nederlands
Voor leerlingen in het secundair onderwijs zou ik de Carmina Burana kunnen gebruiken in een schrijfles rond sfeer en/of emoties. Niet meteen de makkelijkste schrijfonderwerpen, dus. Ik zou hen het openingskoor van de Carmina Burana laten horen, zonder uitleg erbij. Dan zou ik hen vragen om te noteren welke sfeer de muziek oproept, of bij welke filmscène, game, reclame of gebeurtenis de muziek zou passen. Pas daarna zou ik kort vertellen dat het lied gaat over ‘Fortuna’, het lot, geluk en ongeluk. Benieuwd wat dat geeft!
Wat denken jullie? Welke sfeer roept het openingskoor van de Carmina Burana bij jullie op?




Dag Bénédicte,
Ik kwam een kijkje nemen in je cultuurportfolio en ik viel haast van mijn stoel toen ik zag dat jij ook naar Carmina Burana bent geweest. Toevallig heb ik net mijn eigen blogbericht hierover afgerond.
Eerst dacht ik even dat we er misschien op dezelfde dag waren en elkaar net hadden misgelopen. Maar al snel ontdekte ik dat jij in De Singel bent geweest, terwijl ik de voorstelling in de Stadsschouwburg heb gezien, op een iets miezerigere dag dan die van jou.
Vol interesse ben ik verder op zoek gegaan naar gelijkenissen en verschillen tussen onze ervaringen. Net als jij miste ik ook geprojecteerde teksten om alles goed te kunnen volgen. Daarnaast zaten wij wel meer in het midden…